Aan vooravond van Wereldbekerwedstrijd Oostende

Laura de Vaan mocht niet starten van de UCI-classifiers

Laura de Vaan mocht niet starten van de UCI-classifiers
Als gevolg van gewijzigde classificatieregels mocht Laura de Vaan op 16 mei niet starten in de Wereldbekerwedstrijden in Oostende. Dat wil zeggen, niet in een handbike. De classifiers gaven haar wel toestemming om mee te doen in de Cycling-4 categorie.
 

Nieuwe regels

De regels voor classificatie zijn per 1 februari 2018 door de UCI gewijzigd. Daarbij is bepaald dat onder meer Laura’s beperking CRPS (posttraumatische dystrofie) niet langer een grond voor classificatie is. Dat betekent dat haar beperkingen die voortkomen uit CRPS in de classificatie niet worden meegenomen. Een in februari ontdekte aangeboren afwijking aan haar rechteronderbeen was wel grond voor classificatie. Zo werd ze geclassificeerd als C4, maar mocht ze dus niet starten in de WH5. In 2018 mocht ze dat nog wel. ‘Voor ik goed en wel door had dat de classificatie gaande was, stond ik weer op de gang. Handbiken mocht niet, maar als Paralympiër mocht ik wel wielrennen bij de Cycling-4. Dat was natuurlijk geen optie, want ik zou niet weten hoe ik moet fietsen.’
 

Sportieve toekomst

Op de vraag hoe ze zich na die plotselinge afwijzing voelt, zegt ze diplomatiek: ‘Daar bestaat geen net woord voor.’ Laura beraadt zich nu op haar situatie. Na ons telefoongesprek gaat ze meteen trainen.

Op de foto van Bert Willems is achteraan de kopgroep - na WH5-wereldkampioene Andrea Eskau en Chantal Haenen - duidelijk het gat te zien waar Laura de Vaan in Oostende had willen rijden.
 

Tekst Rogier Wiercx
Foto Bert Willems

20-05-2019
Delen

Uitgelicht

uitgelicht en partners uitgelicht en partners uitgelicht en partners uitgelicht en partners uitgelicht en partners

Partners

uitgelicht en partners uitgelicht en partners uitgelicht en partners uitgelicht en partners uitgelicht en partners uitgelicht en partners